Hendrik Wiegersma (1891-1969)
Hendrik Wiegersma

Hendrik Wiegersma

Hendrik Joseph Marie Wiegersma wordt op 7 oktober 1891 geboren in Lith.
Zijn vader Jacob Hendrik is een doopsgezinde Fries (Surhuisterveen 6-5-1863) en zijn moeder Elisabeth Josephina Maria Blancke een katholieke Gelderse (Culemborg 16-7-1864). Jacob studeert medicijnen in Utrecht, slaagt in 1889 Voor zijn artsexamen, trouwt in Hilversum op 25 juni 1889 en vestigt zich 19 juli 1889 in Lith. Omwille van zijn huwelijk is hij katholiek geworden maar hij praktiseert niet.
Het jonge echtpaar gaat wonen op de Lithsedijk 50, een zeventiende-eeuws huis aan de Maas met een prachtige gevel. Jacob en Betsy krijgen negen kinderen, drie jongens en zes meisjes. Hendrik is de tweede in de rij en de oudste jongen. Vrij kort na zijn geboorte verhuist het gezin naar een speciaal gebouwde dokterswoning, meer in het centrum van het dorp, Lithsedijk 24. Op 5 april 1903 sterft Hendriks moeder op 38-jarige leeftijd. Hendrik is dan pas elf. Een ongehuwde dame uit Nijmegen, Anna Catharina Daniels (Nijmegen 15-7-1858), gaat het huishouden verzorgen in het gezin Wiegersma na de dood van Betsy. Jacob trouwt met haar op 16 mei 1905. Het wordt geen gelukkig huwelijk, al is zij lief voor de kinderen. Hendrik is zeer op haar gesteld.

Hendrik bezoekt in Lith de lagere school en later in Oss de kostschool van de fraters. Middelbaar onderwijs volgt hij in Nijmegen als interne leerling van het Canisius College, waar hij wegloopt.
Hij zet zijn studie voort op Rolduc, een befaamd internaat. Na een conflict met een priester-leraar wordt hij van school gestuurd.

Nadat hij voor het staatsexamen HBS geslaagd is, gaat hij in 1910 medicijnen studeren in Utrecht, zoals eerder zijn vader, zijn grootvader en zijn overgrootvader. In zijn studententijd woont hij op kamers in de binnenstad, roeit bij Triton en verlooft zich op 17 februari 1914 met Nel Daniels.

Als Hendrik Wiegersma zich in 1917 in Deurne vestigt, is het dorp bezig zich geleidelijk te ontwikkelen uit de achterstandssituatie waarin het zich zo lang bevonden heeft. In het midden van de 19e eeuw telt Deurne ruim 3000 inwoners. Een groot deel van de bevolking is arm en ongeschoold en woont in kleine, bouwvallige boerenwoningen en slecht onderhouden daglonershuisjes. Ongeveer 15% leeft nog in hutten van leem en stro, met een deur en een venster. Medische en sociale voorzieningen ontbreken vrijwel en er is slechts lager onderwijs.

Wiegersma zal voor deze gemeenschap, vooral als arts, een rol van betekenis spelen. Hij helpt de mensen niet alleen met medische adviezen maar geeft ook voorlichting over gezondheid, hygiene en voeding.
Hij neemt het initiatief tot oprichting van een afdeling van het Wit-Gele Kruis. Door zijn toedoen komt er een zuigelingen-consultatiebureau. In een televisie-interview uit 1967 formuleert hij het zelf aldus:
Toen ik hier kwam, was er een ontzaglijke kindersterfte. Maar het is me gelukt om dat cijfer te drukken. In tien jaar ging het met de helft omlaag. Dat was mijn grootste plezier. Ik wilde die mensen graag iets brengen van de overvloed die ik had. Van de overvloed die de moderne geneeskunde kon geven.